|
Vetverbranding De Waarheid
Inleiding.
Het meest gehoorde argument om te gaan sporten is overgewicht tegengaan. De kranten staan vol
met artikelen over deze welvaartsziekte , waarbij vooral de jeugd de laatste jaren verontrustende overgewichtcijfers laat zien. In dit artikel geef ik in het kort een uiteenzetting over de kenmerken van ons lichaam als het gaat om vetverbranding.
Regelmatig bewegen
Onder regelmatig bewegen wordt verstaan gemiddeld 3 keer per week 45 minuten bewegen waarbij de intensiteit ongeveer 70 % of hoger van het maximum is. Dit kan zijn hardlopen, fietsen, zwemmen, stevig wandelen, squashen, krachttraining, fitness, spinning, aerobic etc..
De belangrijkste positieve gevolgen van bewegen in willekeurige volgorde zijn:
•
Regelmatig bewegen is vooral goed voor de binnenkant.
OVERGEWICHT
Het lichaam bestaat uit spieren, botten, organen, vocht en vet. Eenvoudigweg op de weegschaal gaan staan en vervolgens concluderen dat er overgewicht is, is onzorgvuldig. Om overgewicht te constateren is de meting van het vetpercentage van het grootste belang. Er zijn genoeg voorbeelden van personen die een overgewicht hebben volgens de tabellen, echter daarbij een laag vetpercentage laten zien. Hier is dan géén sprake van overgewicht.
Conclusie: Er is alleen dan sprake van overgewicht, als volgens metingen blijkt dat de hoeveelheid vet
boven de norm ligt. De weegschaal zegt niet alles.
AFVALLEN
Hieronder volgt mijn visie over afvallen.
“vet verminderen en niet alleen maar gewicht verminderen”.
Een succesvol afslankprogramma zorgt niet alleen voor gewichtsverlies, maar vooral voor vetverlies.
Onze huidige voeding creëert vaak een overschot aan voedingsstoffen die in het lichaam worden opgeslagen als vet. Vet is zogeheten “langzame energie”. Deze langzame energie wordt voornamelijk door het lichaam aangesproken bij langdurige lichte inspanningen en vooral in rust.( Ook terwijl u slaapt ). In rust verbruikt je lichaam de meeste langzame energie, lees vetten. Deze verbranding van vetten in rust is de kern van succesvol afvallen.
Alleen je spieren verbranden vet.
Verbranding van brandstoffen zoals koolhydraten en vetten kan alleen plaatsvinden in onze spieren.
Van het grootste belang in de afvalrace is het op peil houden of vergroten van je spiervolume. Vergelijk het spiercorset met een kachel die de gehele dag brandt. Het hout is de hoeveelheid energie die je verbruikt. Als je tijdens het afvallen spiervolume verliest, dan verklein je de kachel en verbrand je minder energie. Terwijl het juist de bedoeling is meer energie te verbranden. De kachel (het spiervolume) moet dus groter worden zodat je sneller je vetvoorraad in rust gaat verbranden. Op een verkeerde manier afvallen heeft een afname van het spiervolume tot gevolg. Je eet je eigen spieren op.
Succesvol afvallen betekent een energietekort creëren. Dit doe je door je energieverbruik te verhogen, door meer te bewegen en de energie inname laag te houden. Bij een dieet kan de volgende situatie ontstaan. Het lichaam krijgt minder energie binnen, de calorie inname bij een gemiddeld dieet ligt meestal tussen de 500 en 1500 calorieën per dag. Het gemiddelde verbruik is 2000 calorieën per dag. Er ontstaat dus een tekort en het lichaam gaat naarstig op zoek naar opgeslagen energie. Vet is langzame energie en vaak niet snel genoeg voorhanden om aan de energiebehoefte te voldoen.
Om toch aan de energievraag te voldoen gaat het lichaam andere bronnen gebruiken zoals glycogeen dat is opgeslagen in je spieren. Voor iedere gram glycogeen slaat je lichaam ook vier gram vocht op. Door omzetting van glycogeen in energie zal de hoeveelheid vocht afnemen. Door op dieet te gaan verlies je dus vnl. vocht en glycogeen. Na enkele weken is deze energievoorraad ook op en resten er alleen nog de vetten en de spieren.
Nogmaals, de vetten leveren trage energie, dus worden in dit stadium de spieren (snelle energie) omgezet in energie. Het resultaat is een afname van je totale spiervolume. De kachel voor je ruststofwisseling (vetten) wordt kleiner. In deze fase zal je gewicht nauwelijks nog afnemen, het vetpercentage blijft nagenoeg gelijk en je voelt je belabberd. Dit is het moment waarop logischerwijs de meeste mensen stoppen met het dieet .( “ ik eet bijna niets en val al weken niet meer af ?” )
De situatie in deze fase is als volgt. Je bent enkele kilo`s afgevallen, voornamelijk vocht en glycogeen. Het spiervolume is behoorlijk veel lager dan bij de start van het dieet. Het vetpercentage blijft vrijwel onveranderd (te hoog). Je voelt je niet goed.
Om structureel af te vallen zijn de volgende voorwaarden van belang.
Vooral voor de dames:
Van krachttraining krijg je geen grote spieren.
Als je een kilo vet verliest en een kilo spieren opbouwt, verlies je meer dan de helft van je omvang.
Hoe meer spieren, hoe minder vet, hoe kleiner de omvang.
HOE MEER SPIEREN JE HEBT, HOE HOGER JE ENERGIEVERBRUIK IN RUST.
Vincent Wicherink
Victoria Active Club
|